
Na vier jaar Urk naar Zeeland
Algemeen‘Pittig en leerzaam’, zo omschrijft dominee E. Bakker (50) zijn vier jaren op Urk, waar hij de predikantsplaats van de Gereformeerde Gemeente vervulde. Zijn eerste gemeente, want hij werd pas op latere leeftijd predikant. Nu staat de voorganger aan de vooravond van het afscheid van ‘zijn’ Sionkerk en het vertrek met zijn gezin naar Scherpenisse.
De pastorie van de Sionkerk staat vol verhuisdozen. Dominee, mevrouw, en hun zonen Marten (19) en André (18) - de oudste van hun drie zonen is getrouwd - maken zich gereed voor vertrek naar het Zeeuwse eiland Tholen. Urk wordt dan een herinnering. Een goed moment om terug te blikken op de afgelopen periode.
Urkers, een volk met een eigen karakter. Dat weet iedereen en dat weet ook dominee Bakker. ,,Ik heb het zelfs persoonlijk ondervonden.” Eigenschappen als ‘open’, ‘eerlijk’ en ‘vrijmoedig’ dicht hij de Urker bevolking toe. Glimlachend: ,,Dat vind ik het mooiste, je weet wat je aan ze hebt.” De predikant blikt terug op zijn begintijd. Nog maar net had hij zich gevestigd, of hij werd uitgenodigd voor een lezing in de Pieter Zandt School. ,,Ik kwam binnen en vanaf het moment dat de deur openging, werd ik bestormd door leerlingen. Onophoudelijk vroegen ze: ‘Wie bin jie?’ Ze rustten niet, voordat ze wisten wie ik was.” Bakker raakte gewend aan dit soort vrijmoedigheid – begon het zelfs bekoorlijk te vinden. ,,Gevaar is echter dat het soms uitlopers kan vertonen naar ongezeglijkheid...”
Het verstokte Urker probleem ‘drankmisbruik’ komt dan ter sprake. ,,Het is natuurlijk een heel oud probleem, maar kijk, in de stad zou je het vermoeden. In een kerkelijk dorp als Urk verwacht je echter iets anders, je rekent er niet op dat mensen zich zonder schaamte uitleven in drank of zelfs drugs. Punt is ook nog eens dat dit gedrag in de vier jaar dat ik hier sta alleen maar verhard lijkt te zijn. De plaatselijke overheid zegt er alles aan te doen, maar in de praktijk is dat nauwelijks waarneembaar.
Glashelder
Dominee E. Bakker komt oorspronkelijk uit Opheusden. Ruim twaalf jaar diende hij in die kerkelijke gemeente als diaken en ouderling. Op 42-jarige leeftijd begon hij de studie aan de Theologische School. Vier jaar later bracht de Sionkerk uit Urk een beroep op hem uit. Hij voelde zich geroepen. God bevestigde dit. ,,Alle tijd dat ik hier sta, ben ik zeker dat ik Urk moest dienen. Toen ik eerder al een beroep kreeg, was het glashelder dat ik hier moest blijven. Net zo duidelijk is het nu dat ik naar Scherpenisse moet. Ik weet me duidelijk geroepen.”
Zijn volgende gemeente heeft zo’n vijftig leden meer dan de Sion-gemeente, 663 doop- en belijdende leden. Qua inwoneraantal is er wel een opvallend verschil, 1.700 in plaats van 18.000 inwoners. Wat hij gaat missen aan Urk, moet de tijd uitwijzen. Eerst lachend: ,,Ha, de vis!” En dan serieus: ,,Dingen ga je pas missen als je ze niet meer hebt.”
Helemaal bij nul beginnen. Vier jaar geleden deed hij dat op Urk. Nog maar net kent hij al zijn gemeenteleden, met wie hij zich toch het nauwst verbonden voelt op de Bult. En nu moet hij ze alweer verlaten.
Opnieuw staat een blanco start voor het gezin Bakker op stapel. De kinderen zien in ieder geval niet tegen de verhuizing op. ,,Ze zijn niet hecht geworteld in de Urker gemeenschap en iets nieuws heeft ook wel iets aantrekkelijks.”
Opgespoten cake en vruchten
Nog even terug in de tijd. Dominee Bakker deed vroeger zijn naam nogal eer aan. Van beroep was hij namelijk bakker, (’In mijn vrije tijd sleutelde ik het liefst aan mijn auto’) met aansluitend een periode waarin hij handelde in bakkerij-apparatuur. Verstand van zaken van brood en banket heeft hij dus zeker. Daarom mag toch eigenlijk zijn oordeel over de Urker banketbakkers niet uitblijven. De predikant is er duidelijk over: ,,Nederlandse bakkers kunnen nog leren van Urker bakkers. Kwaliteit staat hier duidelijk hoog in het vaandel. Uiteraard is niet alles mijn smaak, zoals de bolletjes die maar nauwelijks gaar zijn, of bijvoorbeeld opgespoten cake – beetje te zwaar op de maag - maar dat hier klasse geleverd wordt, staat buiten kijf.”
Als rechtgeaarde predikant besluit hij niet met woorden over brood en gebak. ,,Wat ik van harte hoop is dat het verrichte werk op Urker bodem, met name de prediking, vrucht zal dragen. Want wat kan een predikant zich meer wensen dan dat...”