n Na weken opname voor de eerste keer vast voedsel proberen in de vorm van een toetje. Alles moet opnieuw geleerd worden, met name door het missen van kracht.
n Na weken opname voor de eerste keer vast voedsel proberen in de vorm van een toetje. Alles moet opnieuw geleerd worden, met name door het missen van kracht.

Een bemoedigende betekenis

Op dinsdag 19 december wordt een nieuwe stap gezet: de hartlongmachine wordt voor een langere periode losgekoppeld; het deel voor de longen blijft nog aangesloten. Volgens de artsen gaat de ontkoppeling goed, maar voor de gezinsleden is het schrikken. Jos’ gezicht is blauw, de neus zo raar spits. ,,We dachten allemaal: dit is niet goed. Het leek wel of hij overleden was. Jos leefde nog, maar we hadden opnieuw het gevoel dat hij de dood was ontsprongen.’’

Niet alleen voor Annemarie, maar ook voor de kinderen - Henrie, Johan, William, Daniël, Melany, Lydia en schoondochter Maria - is het een heftige periode. Ze halen kracht uit de kleine dingen. Lydia: ,,Ik kreeg van een zuster een beschermengeltje voor deze moeilijke dagen.’’ Dat voorwerp koestert ze nog steeds. 

Iedere dag wordt de rit naar Zwolle afgelegd. Hun oog valt steeds vaker op de windmolens langs de N50. ,,Op elke molen staat een woord: faith, hope, love en peace (geloof, hoop, liefde en vrede, red.).’’ Door een windmolenbouwer, wiens dochter op 17-jarige leeftijd een ongeluk kreeg, geplaatst. ,,Deze woorden van bemoediging sleepten ons door de dagen heen.’’

Het is Eerste Kerstdag als Annemarie gebeld wordt. Dit keer is er verheugend nieuws: ze zijn bezig Jos wakker te maken. ,,Zijn hart had het weer zelfstandig opgepakt. We waren natuurlijk allemaal bang dat Jos als een kasplantje zou ontwaken. Maar het werd een kerstwónder, zo staat het ook in het boekje beschreven.’’ 

Jos weet daar zelf niets meer van. Door alle medicatie heeft hij last van een delier. Hij gaat van de IC naar medium care en de familie kan weer contact met hem maken. Al gaat dat lastig. Jos is verward en zijn stem klinkt anders door de slang die in zijn keel zat. Ook heeft hij geen zicht.


Flesjes Radler onder het bed

Dat Jos in verwarde toestand wakker wordt, is confronterend, maar het levert ook grappige situaties op. ,,Jos dacht dat hij een visserman was en vertelde dat hij op spiering viste. Ook was hij in de veronderstelling dat hij bèbe geworden was, maar we moesten hem teleurstellen.’’ Annemarie moet lachen. ,,Op een gegeven moment zei Jos dat hij flesjes Radler onder zijn bed had.’’ Deze momenten breken even de spanning waarin de familie al weken leeft.

Pas dagen later, vanaf de jaarwisseling, begint Jos weer herinneringen op te slaan en kan hij heldere gesprekken voeren. Zijn conditie verbetert met de dag; zo is zijn zicht ook weer volledig terug. Er wordt een stent geplaatst en er volgt een dotterbehandeling. Een paar dagen later krijgt hij een ICD geplaatst, een apparaatje dat ingrijpt bij gevaarlijke hartritmestoornissen. Jos wordt overgeplaatst naar revalidatiecentrum De Vogellanden in Zwolle. Zijn conditie gaat snel vooruit: op 17 januari zet hij zijn eerste stappen met een rollator. Het voelt als een mijlpaal. Er komt een moment dat hij weer middagen naar huis mag: ,,Je voelt je weer mens.’’

Half maart wordt Jos overgeplaatst naar Revalidatie Friesland, in het Dr. J.H. Jansencentrum in Emmeloord. Hij woont weer thuis, maar moet meerdere keren per week naar verschillende revalidatietherapieën. ,,Het herstel ging in die periode heel snel, vertelt Jos. ,,Ik kreeg fysiotherapie en logopedie. Ik moest allerlei praktische dingen uitvoeren, zoals een trapje in elkaar zetten en buiten fietsen. Dit ging mij meer dan goed af.'' De revalidatiedagen worden afgebouwd en Jos kan steeds meer thuis zijn, bij zijn gezin. Dankbaarheid overheerst.


Met tranen in de ogen

In de periode na de ziekenhuisopname worden er gesprekken gevoerd over het verloop van zijn ziekte. Maar echte antwoorden blijven uit. ,,Onder in mijn hart zit een afwijking, voor de rest is alles in orde of hersteld. De ICD houdt nu het hartritme in de gaten en grijpt in waar nodig. Er is op dit moment niets levensbedreigends.’’ Jos neemt nog dagelijks medicijnen, is twintig kilo kwijt, maar verder gaat zijn leven weer richting het oude normaal. ,,Ik werk halve dagen, maar zou graag weer de hele dag op mijn werk willen zijn.’’

De gedachten gaan nu geregeld terug naar de steun die het gezin ontving. Jos: ,,Het mooiste vond ik het meeleven van de mensen. De vele kaarten die we hebben gekregen. Maar ook de onbekende plaatsgenoten die je aanhouden en vragen hoe het met je gaat, en aangeven dat ze voor je gebeden hebben. Er stonden mensen met tranen in hun ogen toen ze mij zagen, dat vond ik erg bijzonder.'' Annemarie vult aan: ,,Er is veel voor de situatie gebeden in verschillende kerkgenootschappen, ook dat raakte ons.''

Jos is even stil en zegt: ,,Ik ben blij dat veel Urkers voor ons gebeden hebben. Anders had ik het, denk ik, niet overleefd. Ik ben dankbaar dat mijn leven gespaard mocht blijven. Het voelt voor mij alsof ik er tijd heb bijgekregen: genadetijd.'' Dochter Lydia kijkt opzij, glimlacht en vraagt dan: ,,En, is het bloed van Jezus nu genoeg?'' Een lach verschijnt op het gezicht van Jos en hij reageert: ,,Ja, zeker, dat bloed is nu genoeg.''

n Thuis weer genieten van de kleine dingen die het grote verschil maken, zoals samen eten.
n De laatste dagen in het ziekenhuis, wachten op het plaatsen van het ICD-kastje. Op de foto samen met tweelingdochters Lydia (r) en Melany. Lydia heeft de beschermengel om haar nek.