Dominee T. Veenstra en zijn vrouw gesetteld in Wilsum
Dominee T. Veenstra en zijn vrouw gesetteld in Wilsum

‘Op Urk gebeurt ontzettend veel’

Algemeen

Verstopt in het weelderig groene landschap langs de noordoever van de IJssel ligt het romantische plaatsje Wilsum. Binnenrijdend – je zou het haast ongemerkt voorbij gaan – vallen meteen de rust en het natuurschoon op. Het is in dit plaatsje waar je onverwachts dominee Taeke Veenstra op zijn racefiets kan tegenkomen. Na 22 jaar predikantschap op Urk streken hij en zijn echtgenote Iet hier namelijk neer. De predikant is met emeritaat, maar werkt twee dagen per week binnen de Gereformeerde kerk van Wilsum. Afgelopen zondag was de welkomstdienst.

De verhuisdozen zijn uitgepakt en de meubels kregen een plekje in de royale pastorie, pal tegenover de Gereformeerde kerk aan de Dorpsweg in Wilsum. Het is er gezellig, sfeervol. De voorkant van de woning doet trouwens niet vermoeden dat de tuin erachter zo weids is. Wát een uitzicht, wát een ruimte. De zes appelbomen (‘meeverhuisd vanuit Urk’) zijn haast niet terug te vinden.

Het is 2008 als voorzichtig de vraag ‘waar kunnen wij eerdaags wonen?’ rijst – het emeritaat van Veenstra komt met rasse schreden dichterbij. Nog voordat het echtpaar zich zorgen kan maken, zoekt de kerkenraad van Wilsum contact met ze. Een voorstel om deeltijd in hun gemeente te komen werken én in hun dorp te wonen. ,,Niets is bij geval, maar dít zeker niet. Wij wisten meteen: het is Gods leiding”, blikt de predikant terug. Een ‘ja’ liet daarom niet lang op zich wachten.

Met nog ruim een jaar voor de boeg, is op Urk het werk niet klaar. Wilsum lijkt dan zo ver weg. En toch, met het verstrijken van de tijd wordt het vertrek hoe langer hoe meer realiteit. ,,Je merkt ineens hoe je bezig bent met het afsluiten van een periode, afscheid nemen van een dorp waar je zo lange tijd woont en werkt. Tegelijkertijd groeit het verlangen naar datgene wat voor je ligt. En niet in de minste plaats: naar rust”, zegt mevrouw Iet Veenstra, die tot haar zeventiende jaar in Kampen opgroeide, en zodoende terug is op haar geboortegrond.

Opgetild
Wie niet op zon- en feestdagen wil werken, kan beter een ander beroep dan predikant kiezen. Dat weet familie Veenstra al te goed, als ze terugkijken op hun Urker periode. Op vrijdag- en zaterdagavonden catechisaties, ingesteld voor vissermannen, en op zondag preken. Zeven dagen per week werken dus. En het gezin (drie zonen en vier dochters) mag er niet onder lijden, maar: ,,Soms voelde ik wel spanning om de juiste balans te vinden tussen werk en gezin. Mijn vrouw en kinderen hebben zich nogal eens moeten aanpassen. Ja, het is op Urk de hele week hard werken. En dat past ook bij Urkers. Zij werken zelf ook hard”, weet hij.

Zijn vrouw Iet zat intussen niet stil en raakte verweven met de Urker maatschappij. Zo was ze onder andere voorzitter van het Gereformeerd Kerkkoor Urk, vrijwilliger bij Terminale Thuiszorg en maakte ze deel uit van de bemanning van ‘t Scheepke (’Zó leuk, ik wil zoveel mogelijk betrokken blijven’).

Urk neemt met 22 jaar de grootste periode in van de ambtstermijn van dominee Veenstra. Stof genoeg tot praten. Eén ding domineert: ,,Urk is druk en het pastoraat intensief. Er gebeurt ontzettend veel, waardoor er altijd redenen zijn om bij mensen langs te gaan. Mooie dingen, maar ook ingrijpende zaken. Denk aan de ontploffing aan boord van de UK 114 van familie De Vries. Of aan het overlijden van de echtgenoot van Ria Woord, Maarten Dirk, op de UK 88. Onvergetelijk pijnlijk.” Met gefronsde wenkbrauwen: ,,Zware tijden.” Het ongeluk met kotter de Larissa blijft evenmin ongenoemd. ,,Een verschrikkelijk ongeval. Heel Urk rouwde. Die zaterdag moesten een vader en een zoon begraven worden. Het was de dag waarop mijn vrouw en ik 25 jaar getrouwd waren. Ja, een dominee moet ermee omgaan dat vreugde en verdriet soms samenvallen, maar in zo’n situatie is het onmogelijk om blij te zijn. We vierden het daarom een maand later.”

Zijn vrouw Iet zat tijdens moeilijke diensten meestal in de kerk. De predikant had dan logischerwijs meer spanning dan gewoonlijk. ,,Ik maakte me weleens zorgen, ‘oh, als alles maar goed gaat…’ Begon mijn man met woorden als ‘Heer, waar dan heen? Tot U alleen!’, dan wist ik: nu gaat het goed.” Dominee Veenstra vult aan: ,,Momenten waarin God je optilt.”

Op Urk heerst ook veel blijdschap, weet Veenstra. ,,Denk aan jongeren die van elkaar houden en elkaar trouw beloven. Of ouderen die hun 50-jarige huwelijk mogen vieren. En dan de vele kinderen die er worden geboren, prachtig!” Zijn vrouw haakt in: ,,Zomaar midden op straat even een blik werpen in iemands kinderwagen, dat ga ik missen.”

Tragiek van Urk
Urk is een soetendal, Urkers zijn open, hartelijk en gul. Ja, maar wat is de keerzijde? ,,De tragiek van Urk vind ik de verdeeldheid. Het échte kerkbesef is minimaal – dé Kerk is in Jezus Christus – het fanatisme is groot. Trouw aan de kerk zijn, het ‘er met elkaar voor gaan’ wordt zomaar losgelaten. Weglopen doen mensen makkelijk. Onbegrijpelijk vind ik dat. Het vreemde is dat in kerkdiensten buiten Urk, denk aan het wintersportdorp St. Johann, wél samen gekerkt wordt en eenheid wordt ervaren. Wonderlijk…”

Stilte. Een gevoelig onderwerp dat in dit opzicht niet omzeild kan worden hangt in de lucht. Hoe graag het predikantenechtpaar misschien zou willen dat het nooit was gebeurd, de scheuring in 2005 is een feit. ,,Een gebeurtenis die er bij ons enorm heeft ingehakt. Die eerste zondag vergeet ik nooit. Onderweg naar De Poort kwam ik gemeenteleden tegen langs een niet logische weg. Eenmaal in de consistorie aangekomen, wist één van de ouderlingen hoe de vork in de steel zat en kreeg ik het slechte nieuws voorgeschoteld. In De Koningshof was een dienst belegd door leden die de kerk wilden verlaten. Ja, en dan de preekstoel op moeten…” Aarzelend, maar open: ,,Je hebt met gemeenteleden vreugde en verdriet gedeeld en naar mijn idee een waardevolle band gekregen. Ineens lijkt het er allemaal niet meer toe te doen. Dat doet intens pijn. Het was een ontzettend moeilijke en trieste tijd, maar je kan daar niet in blijven. Er komt een moment dat je het los moet laten, verder moet gaan. De groep die overbleef zette er gelukkig de schouders onder en ging op een positieve en opbouwende manier aan de slag. Dat gaf moed en kracht, want dan ervaar je dat God Zelf Zijn Gemeente bouwt.”

De laatste jaren waren zodoende zwaar voor de predikant. ,,Tropenjaren”, vindt Iet. ,,In die tijd leek het alsof alles tegelijk gebeurde. Mijn man werd ook nog eens interim-voorzitter van de kerkenraad. Hij ging maar door en door. Totdat zijn lichaam net op tijd een signaal gaf van ‘de rem erop’, want hij raakte zijn stem kwijt”, weet Iet nog. Na een weekje Limburg, met ingrediënten als wandelen en fietsen (‘doen we ieder jaar, even alles loslaten, bijpraten en nieuwe krachten opdoen’) kon Veenstra er weer tegen. Dankbaar: ,,Eigenlijk ben ik altijd flexibel en gezond geweest. En nog een geluk: ik slaap altijd goed!”

XL trampoline
,,Graag wil ik nog even iets over onze kinderen zeggen. Wat heb ik veel steun gehad aan ze. We deelden altijd heel veel met elkaar. Inmiddels zijn ze het huis uit, maar het dagelijks even binnenlopen van mijn ‘Urker’ dochters mis ik hier wel hoor…”, zegt Iet. Nou ja, ze kunnen in ieder geval te allen tijde logeren in Wilsum – slaapplaats genoeg, ook voor de kleinkinderen. Die hoeven zich geen moment te vervelen bij opa en oma, met een speelkamer, kinderblokhut en een groot gazon. Opvallend in het grasveld is wel de XL-trampoline. ,,Gekregen voor mijn 65ste verjaardag”, lacht de predikant. Iet vult aan: ,,Hij springt net zo hoog als de kinderen. Wat fantastisch om dit mee te mogen maken!”

In het weelderig groene landschap langs de IJsseloever, kan het zomaar gebeuren dat in de verte orgelmuziek klinkt. Kijk niet vreemd op als het uit de pastorie komt, waar de dominee spelend achter zijn orgel geniet. Het is één van zijn hobby’s, waar hij nu tijd voor heeft. ,,Net als foto’s plakken, wielrennen, of strunen door de natuur met een verrekijker.”

‘Het is hard werken op Urk. Dat past bij Urkers. Ze werken zelf ook hard.’

Met emeritaat
Dominee T. Veenstra werd op 39-jarige leeftijd predikant, na twaalf jaar in het onderwijs gezeten te hebben. Eerst stond hij vier jaar in Ulrum, aansluitend diende hij Urk 22 jaar als predikant binnen de Gereformeerde Kerk. Sinds eind juni van dit jaar is hij met emeritaat en woont echtpaar Veenstra in Wilsum. ,,Wij kregen hier onze plek gewezen. Genieten van een nieuwe levensfase, terwijl ik toch iets mag betekenen als arbeider in het Koninkrijk van God. Daarop hoopte ik altijd.”