Afbeelding

Willem: Vingerwijzen

Algemeen

Nou, het was me daar een gevoelig onderwerp in de raadsvergadering van donderdag. De grote vraag ging beantwoord worden: ‘Hoe diep wil de gemeente in de buidel tasten om die vervelende bouwclaims van Fa’rus en Van der Steeg af te kopen’. Het antwoord is: ‘verrekte diep’. Fa’rus krijgt bijna zes ton gemeenschapsgeld en Van der Steeg een bouwrijpe kavel met een veelzeggende naam: ‘De Diamant’. Het zure verhaal roept meteen een nieuwe vraag op: ‘Hoe heeft het zover kunnen komen?’ Het antwoord op die vraag is bijna paradijselijk: ‘Die anderen hebben het allemaal gedaan.’

Het begint allemaal met transparantie. Met gepaste trots presenteert de burgemeester het antwoord op de roep om openbaarheid van de stukken: ‘Kan ie? Ja? Is er echt niemand meer die vooraf over dit thema een column zou kunnen schrijven? Nee? Dus de mening van onze burgers kan niet meer gemanipuleerd worden door vervelende journalisten? Ook niet? Mooi! De slotjes kunnen eraf. Ja hoor! Iedereen mag het lezen. We zijn heerlijk transparant! U kent ons’.

In het document valt te lezen dat er een akkoord is bereikt waarmee nu alle claims zijn afgekocht. Nu moet alleen de gemeenteraad nog willen! Geweldig hoe de wethouder de Ja-knikkers op zijn hand weet te krijgen: ‘Woningbouw is de grootste uitdaging. Dat moet sneller, vindt u! Gelukkig hebben twee externe bureaus meegekeken met hoe die versnelling mogelijk gemaakt zou kunnen worden. En voorwaar: d’r lagen twee stukken drijfzand braak.

Echter wel met een bouwclaim. Wilt u, als raad, onze inwoners helpen met hun zoektocht naar een betaalbare woning of kiest u ervoor om dat niet te doen?’

Goed, twee zaken zijn duidelijk: ‘De hele misère komt op rekening van de burger en iedereen die niet vóór de plannen van de wethouder stemt, heeft dus ook geen hart voor Urk.’ Dan blijft er één vraag over: ‘Wie is de schuldige?’ De huidige generatie bestuurders weet het wel: ‘Dat waren hun naïeve voorgangers! Ongelooflijk! Dat iemand onder zulke voorwaarden in zee heeft kunnen gaan met de beide bouwbedrijven!’ Zo kortzichtig. Daar herkent de huidige lichting zich niet eens meer in. Dit college is dapper en daadkrachtig. Ze hakken knopen door en ruimen de rotzooi op die ze als erfenis hebben meegekregen.

Gelukkig zijn er meer vingers om te wijzen. De raad is unaniem over wie de echte slechterik is. Fa’rus mag vanaf nu wel over zijn schouder gaan kijken en met één oog open slapen. Hij of zij of hun worden afgeschilderd als keiharde zakenlui zonder een greintje meeleven. ‘Helaas wel volgens de letter van de wet’, moet de wethouder toegeven.

Eind goed, al goed? Dat weten we over vijftien jaar.

watwietwillem@outlook.com