
Willem: Erbarmen
Column WillemErbarmen. Het woord verdwijnt een beetje uit de samenleving. Logisch. Bijna niemand heeft het meer. We hebben het zo druk met opkomen voor onszelf, dat het denken aan de ander er helemaal bij inschiet. Op Urk vond je het hier en daar nog, vroeger, als vrucht van een gedegen christelijke opvoeding. Maar erbarmen is zeldzaam geworden. Heel soms hoor je het nog als bijvoeglijk naamwoord. Dan hebben we het over de ‘erbarmelijke’ toestand van de gemeentefinanciën of de ‘erbarmelijke’ prestaties van Oranje. En daar houdt onze kennis van erbarmen dan wel op.
Er zijn dakloze arbeidsmigranten. De plaatselijke diaconieën hadden er vragen bij. Ze wilden er graag over voorgelicht worden door de gemeente. Wanneer de nood aan de man was, zouden ze willen weten waar ze terecht konden als in de nacht het Leger des Heils gesloten was. In het ergste geval konden ze dan ook wel in de buidel tasten. Als zelfs de kerk niet meer weet hoe men zich erbarmen moet! De brief lag zeven weken op het bureau van de wethouder. Hij wist het ook even niet. Wat moet je in hemelsnaam met een dakloze naaste? Toen het antwoord per brief er dan ook eindelijk kwam, waren daar ‘woorden van waardering, maar het was toch vooral een probleem van de regio’.